Leegte mag

Waarom de commotie rond het Operaplein voorbarig is

 Dit opiniestuk van collega Jan Vilain verscheen op 2/8/2018 in De Standaard

Half juli werd het vernieuwde Operaplein in Antwerpen opengesteld voor het publiek. Twee weken later tekenden al 6000 mensen een petitie om het plein te vergroenen. Is die opschudding terecht? 
Elke burger heeft recht heeft op een gezonde, veilige, aantrekkelijke en uitnodigende leefomgeving. Dat bomen en openbaar groen daar deel van moeten uitmaken, is evident. Groen zorgt voor verkoeling en mildert de effecten van hittestress. Door niet elke vierkante meter te verharden, kan hemelwater in de bodem doordringen zodat droogteperiodes minder catastrofaal zijn. Zomers zoals deze drukken ons met de neus op de feiten: zonder groen in de steden gaan we het niet redden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een snelle blik op het nieuwe Operaplein vragen doet rijzen. De eerste indruk is een stenen vlakte waarin nauwelijks een boom te bespeuren valt. Het grote, lege niets. 

Scharnierpunt

De timing om het nieuwe Operaplein als voltooid te presenteren was nogal ongelukkig. Een plein is pas af als het verbonden is met zijn omgeving en als zodanig kan functioneren. Dat is bij het Operaplein – aan weerszijden begrensd door een lelijke werf – vooralsnog niet het geval. Er rijden geen trams of fietsers, voetgangers moeten tussen de werfhekken laveren, het metrostation en de ondergrondse parking zijn nog niet in gebruik. De enkele bomen die er staan hebben het door de droogte intussen al begeven. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat burgers daar vragen bij stellen. 
Daarom is het nuttig om het Operaplein in breder perspectief te bekijken. Het plein is slechts een hoofdstuk uit een groter verhaal dat zich uitstrekt van het Zuid tot het Eilandje. In 1999 werden de eerste lijnen op papier gezet voor de vernieuwing van de zuidelijke Leien. Toen al was het de bedoeling om op termijn ook het resterende deel van de Leien om te vormen. Volgend jaar bereikt ‘de werf van de eeuw’ zijn eindfase en  zullen de Leien over een periode van dertig jaar getransformeerd zijn tot een groene boulevard van vijf kilometer lang, middenin de stad. Daarin vormt het Operaplein een scharnierpunt op de as Centraal Station – Grote Markt, naast de Rooseveltplaats en boven het vernieuwde metrostation Opera. De onmiddellijke omgeving van het plein is bijgevolg het grootste openbaarvervoerknooppunt van Vlaanderen. Bovendien is het de enige plaats waar nog omvangrijke resten van de Spaanse omwalling – de 16de eeuwse stadsmuur – onder de Leien bewaard zijn gebleven. Dat maakt dat de ruimte zowel bovengronds als ondergronds aan heel veel eisen en behoeften moet voldoen. 

Velo’s en Poppy’s

In zulke complexe projecten moeten keuzes worden gemaakt. In 2004 koos het stadsbestuur er voor om de mobiliteitsknoop te ontwarren zodat de bovengrondse ruimte teruggegeven kon worden aan voetgangers en fietsers, aan toeristen, reizigers en shoppers, aan een evenwichtig plein dat De Keyserlei en Meir opnieuw aan elkaar koppelt, een platform waarop het historische Operagebouw terug tot zijn recht komt.
Bij grootschalige en langlopende projecten zijn keuzes die tijdens ontwerpfase zijn gemaakt, bij uitvoering soms al achterhaald. Toen het ontwerp werd gemaakt, kon niemand vermoeden dat Antwerpen vijftien jaar later vol Velo’s (deelfietsen) zou staan, dat er honderden Cambio’s en Poppy’s (deelauto’s) zouden rondrijden en dat de volledige stadskern een zone 30 en lage emissiezone zou worden. 
Tegenwoordig wijzen alle prognoses erop dat het private autobezit in steden zal afnemen en het deelwagengebruik zal toenemen. Bijgevolg is er een pak minder nood aan parkeerplaatsen. Was dat inzicht er toen al geweest, dan was er onder het Operaplein allicht geen of een veel kleinere ondergrondse parking gekomen zodat er volwaardige wortelruimte voor bomen was geweest. Dat die er niet zijn gekomen, kan men de ontwerper niet kwalijk nemen. Architect de Solà-Morales was weliswaar visionair maar hij had geen glazen bol. Een oplossing van de mobiliteitsknoop en de integratie van de stadswallen kreeg voorrang op groenvoorziening. Duidelijke keuzes zijn altijd beter dan halfslachtige compromissen. Bovendien zullen op de rest van de Leien meer bomen staan dan ooit tevoren. 
Het Operaplein is veel meer dan een karikaturale ‘grijze betonvlakte’. De kwaliteit van een plein bestaat niet enkel uit de aanwezigheid van bomen. Het nieuwe Operaplein kreeg een eigen identiteit met een natuursteenverharding in subtiele grijsnuances, met verlichtingsarmaturen en zitbanken die nergens anders in de stad voorkomen en vooral door zijn sobere, ingetogen leegte. 

Visueel rustpunt

Elke stad heeft nood aan stedelijke pleinen. Grote open plekken die ruimte bieden voor evenementen en manifestaties, waar gebouwen en zichtassen tot hun recht komen. Antwerpen heeft weinig van die grote plekken die ruimte en openheid in het stadsbeeld brengen. De Grote Markt en het Theaterplein staan met stip bovenaan. De Groenplaats, het Astridplein en het Sint-Jansplein zijn weliswaar uitgestrekt maar verrommeld. De vernieuwing van de Gedempte Zuiderdokken valt nog af te wachten. Daarom mag het Operaplein ‘leeg’ zijn. De soberheid is een verademing en vormt een visueel rustpunt in de hectische omgeving.

Positieve evaluatie

Maakt dit van het Operaplein een toonbeeld van hedendaagse pleinarchitectuur? Er zijn zeker elementen die beter hadden gekund. De lage zitbanken zonder leuningen zijn niet gebruiksvriendelijk voor oudere mensen. Lage betonnen elementen trekken bovendien skaters aan. Het valt nog af te wachten of de banken er over een jaar nog even gaaf uitzien. Ook op vlak van toegankelijkheid zijn er kansen gemist. De nagenoeg obstakelvrije leegte van het plein is een zegen voor blinden en slechtzienden. Maar het gebrek aan duidelijke kleurcontrasten en geleidelijnen maakt het voor hen moeilijk om zich te oriënteren. De verdiepte ligging van de rijweg met hoge boordstenen bemoeilijkt de oversteekbaarheid voor rolstoelgebruikers maar ook voor wie met een kinderwagen, rollator of trolley wandelt. Bomen planten in volle zomer was ook niet verstandig. De weinige exemplaren die er staan hebben het nu al begeven door de droogte en zullen vervangen moeten worden. Dat zijn dubbele kosten. Maar het eindoordeel is zonder meer positief. Het Operaplein is een enorme vooruitgang tegenover de vroegere verkeersbarrière die er lag. 
De heraanleg van een openbare ruimte evalueer je na een jaar, wanneer mensen ze hebben leren gebruiken. Na tien jaar, om te kijken of de oorspronkelijke intenties overeind blijven. En na dertig jaar om te kijken of ze de tand des tijds heeft doorstaan. Maar niet twee weken na de oplevering. Antwerpen moet zonder twijfel meer investeren in stedelijk groen maar dat hoeft niet noodzakelijk op het Operaplein te komen.